Uitleg karakteristiek van een automaat:
Een automaat is een beveiligings toestel dat beveiligt tegen overbelasting en kortsluiting en bestaat feitelijk uit 2 beveiligingen.
De eerste is een thermische beveiliging, dit is een metalen plaatje wat door de stroom warm word en daarmee het uitschakel mechaniek in werking zet. deze beveiliging is bedoeld voor overbelasting.
Dit is een trage beveiliging omdat eerst het plaatje moet opwarmen.
De tweede beveiliging werkt electromagnetisch.
Een stroom door een spoel bedient het uitschakel mechaniek.
Deze beveiliging dient als kortsluitbeveiliging en is zeer snel.
Nu de combinatie van beide: de automaat.
De waarde 16 Ampere slaat op het thermische deel.
Als er 16A door het plaatje loopt begint het plaatje op te warmen en zal binnen een bepaalde tijd uitschakelen, in dit geval 1 uur en als de stroom groter wordt, wordt de tijd dat de automaat thermisch afschakelt korter.
De A/B/C aanduiding slaat op de electromagnetische beveiliging en is gekoppeld aan de amperes.
A=1-5 x Inom
B=5-10 x Inom
C=10-15x Inom
D=15-20x Inom
Dus als ik bij een 16a A automaat heb en ik laat er 16A door lopen zal deze thermisch na 1 uur uitvallen, maar de elektromachnetische zal bij 16A - 80A direct aanspreken en de automaat doen afschakelen.
Een B type zal bij dezelfde stroom de automaat ook na 1 uur thermisch uitvallen maar de elekromachnetische pas als de stroom 80-160A is.
Waarom 2 beveiligingen.
Elk apparaat wat je inschakelt, vraagt heel kort een hele grote stroom, vaak 2 tot 10 keer de stroom die het apparaat vraagt als deze normaal werkt.
Deze grote stroom is geen probleem voor een thermische beveiliging deze is te traag om hierop te reageren. Echter bij een kortsluiting valt een thermische beveiliging niet binnen de norm uit. Dus zetten we voor deze kortsluitingen een elektromagnetische beveiliging, maar deze is weer zo snel dat een apparaat weer niet kan aanslaan, omdat de stroom te snel wordt afgeschakeld.
Daarom reken je uit wat de maximale nominale stroom mag zijn in een groep, vervolgens ga je kijken wat de startstroom in die groep is en past daar de karakteristiek op aan, zodat als de groep meer als 16 A gebruikt deze thermisch afgeschakeld wordt en zo je installatie beveiligd wordt en apparaten wel normaal kunnen opstarten.
Dus een 16A-B of een 16A-C zullen beide hetzelfde reageren op overbelasting, en verschillend bij kortsluiting en piekbelasting.