Citaat:
Bijna 18-jarige sluit abonnement
Een consument sloot drie maanden voor haar achttiende verjaardag een abonnement af voor een mobiele telefoon. De eerste factuur die zij ontving bedroeg nog euro 68,- maar de tweede liefst euro 716,-. Zij was het niet alleen niet eens met de specificatie van die nota, ook bestreed zij nu de geldigheid van het abonnement omdat dat zonder toestemming van haar ouders vóór haar achttiende verjaardag was gesloten.
De ondernemer erkende dat een minderjarige niet gemachtigd is om zonder toestemming van de ouders een contract af te sluiten. Met toestemming echter wel. De toestemming wordt verondersteld te zijn verleend, indien het een rechtshandeling betreft ten aanzien waarvan in het maatschappelijk verkeer het gebruikelijk is dat minderjarigen van dezelfde leeftijd deze handeling verrichten. En aangezien veel jongeren in het bezit zijn van een mobiele telefoon en de consument drie maanden daarna achttien zou worden, was de ondernemer ervan uitgegaan dat die toestemming was verleend. Ten aanzien van de hoogte van de factuur merkte de ondernemer op dat de SIM-kaart van het toestel het belgedrag registreert. Misbruik was alleen mogelijk door de kaart uit het toestel te halen en in een ander toestel te plaatsen. Maar ook dan blijft de eigenaar van de SIM-kaart hiervoor verantwoordelijk.
Naar het oordeel van de Commissie is het gebruikelijk dat bijna 18-jarigen zelfstandig een abonnement sluiten voor mobiele telefonie, bijvoorbeeld zoals de consument dat in dit geval heeft gedaan (euro 8,62 vaste abonnementskosten met 20 gratis belminuten). De overeenkomst was dus rechtsgeldig tot stand gekomen. Met betrekking tot de factuur zag de Commissie geen aanleiding te twijfelen aan de juistheid daarvan. Via nummerherhaling is het mogelijk de aansluitingen tot stand te brengen zoals op de specificatie zijn geregistreerd. Het vermoeden dat de consument de verbindingen heeft gelegd, wordt verstrekt door het feit dat de betwiste verbindingen voorafgegaan of kort daarna gevolgd werden door gesprekken die de consument erkend heeft. Tevens werden de betwiste verbindingen niet meer gelegd vanaf het moment dat de ondernemer de consument tussentijds informeerde over de opgelopen belkosten. De klacht was dus ongegrond.